Gerlof Donga: Digitaal studeren 2011

Posted: May 23, 2011 at 2:52 pm  |  By: Suzanne Schram  |  Tags: , , ,

A short synopsis in English of Gerlof Donga’s presentation ‘Digital studying 2011’.

Gerlof Donga, research coordinator usability for Amsterdam E-boekenstad, started the workshop E-readers in Dutch Education with a presentation about digital studying. He explained that research should be done to investigate how e-readers can be used in education. Gerlof started the presentation with explaining the difference between reading for entertainment and reading for information assessment. The investigation as to whether e-readers are suitable for studying has yet to be determined. In order to understand information, people actively use the text. The e-reader should support the different reading strategies. E-boekenstad is working on two research initiatives to investigate whether e-readers can support the different reading strategies. One research initiative is executed in cooperation with Microsoft to test the e-reading platform Yindo. The other research venture is in cooperation with Paerson to test the eText viewer. Gerlof ends his presentation by saying that research must be done with both students and lecturers, because lecturers are the driving force behind the implementation of e-readers in education.

Gerlof Donga @ the unbound book conference – photo cc by-sa Sebastiaan ter Burg

Gerlof Donga, Onderzoekslijncoördinator usability en docent onderzoeker binnen het project Amsterdam E-boekenstad, begon de workshop E-readers in Dutch Education met een presentatie over digitaal studeren. Hij legde uit dat digitaal lezen nu pas echt gaat doorbreken. De vraag is nu hoe boeken moeten worden uitgeleverd: offline op de e-reader of op internet via een portal? Veel boeken worden via een online portal aangeboden. Gerlof vertelde: “2011 is the year of the tablet wars.” We gaan nu pas uitvinden wat e-readers gaan betekenen nu we de hype voorbij zijn. In de nabije toekomst komen we erachter wie de leiding krijgt op e-reading gebied. Gerlof vertelt dat het interessant is om te onderzoeken hoe studenten hun iPad gebruiken. De studenten gebruiken hun iPad voornamelijk voor gaming, video en muziek. Hij merkt op dat er op het moment weinig apps zijn voor informatie verwerking of voor lezen.

Gerlof vervolgde de presentatie met het uitleggen van het onderscheid tussen lezen voor ontspanning en het lezen om informatie te verwerken. Het lezen voor ontspanning is het hype gedeelte van e-reading en heeft een hoge vlucht genomen. Teksten die bedoelt zijn voor informatie verwerking worden ook elektronisch aangeboden, deze teksten worden echter afgedrukt om te lezen. Om studeren mogelijk te maken op een e-reader moet eerst worden vastgesteld hoe men leest om informatie te verwerken. Om informatie te begrijpen moet je actief bezig zijn met de stof en je moet van gedachte kunnen wisselen met anderen. De e-reader moet alle verschillende leesstrategieën ondersteunen: oriënterend lezen, globaal lezen, intensief lezen, kritisch lezen, studerend lezen en zoekend/doelgericht lezen.

Oriënterend lezen: de lezer moet kunnen bepalen of de tekst bruikbaar is. Dit wordt op het moment niet ondersteunt door de portals. De portals geven niet duidelijk weer wat elk boek behandelt.
Globaal lezen: de tekst skimmen, de lezer moet snel de hoofdzaken kunnen zoeken in een tekst. Ook deze fuctie wordy niet goed ondersteund. Zover de functie snel bladeren aanwezig is bij E-inkt readers werkt het maar beperkt.
Intensief lezen: de tekst kunnen begrijpen is mogelijk bij gebruik van een e-reader.
Kritisch lezen: bepalen of een tekst betrouwbaar is wordt niet ondersteund door de portals.
Studerend lezen: de tekstinhoud verwerken en onthouden. De ondersteuning van studerend lezen hangt af van de e-reader. Sommige portals hebben moeite met het weergeven van een snippet van informatie.
Zoekend / doelgericht lezen: Interactie met de tekst en nadenken over de tekst. Sommige e-readers ondersteunen navigatie door de tekst.

E-readers moeten al deze stappen kunnen ondersteunen. Gerlof legt uit dat ze dit willen onderzoeken. Kunnen deze leesstrategieën losgelaten worden op de portals? Hebben deze portals een meerwaarde? Gerlof vertelt dat E-boekenstad bezig is met twee onderzoeken. Het Yindo onderzoek in samenwerking met Microsoft is al gestart. Dit is een onderzoek waar 20 studenten aan meedoen om de usability aspecten van het e-readingplatform Yindo te onderzoeken. In het andere onderzoek, dat momenteel in voorbereiding is, wordt de eText viewer onderzocht in samenwerking met Paerson. Aan dit onderzoek gaan ook 20 studenten meedoen.

Gerlof legt uit dat studenten het niet erg vinden om te lezen van een scherm omdat ze daar gewend aan zijn. Waar studenten wel moeite mee hebben is navigatie want op het moment biedt papier veel betere navigatie. Gerlof vertelt wat belangrijke wensen voor e-readers zijn. Echter veel wensen zijn op het moment nog niet of slecht mogelijk bij de verschillende e-readers. Een van de wensen is usability van e-readers omdat het belangrijk is om te bepalen waar de lezer is in de tekst. Lezers willen vooruit en achteruit kunnen in een tekst. Ze willen kunnen bladeren naar een bepaalde paragraaf of hoofdstuk. Bij veel e-readers kun je hiervoor de index gebruiken, via een zoekopdracht. Maar de indexen van de meeste digitale boeken bieden weinig interactie. Gerlof legt uit dat de Mobipocket bijvoorbeeld weer bladzijdennummering toevoegt. Bij veel e-redeaders is het moeilijk om vooruit te gaan in een tekst of naar een bepaald hoofdstuk te gaan. Actief bezig zijn met een tekst wordt slecht ondersteunt zoals markeren, gebruik van bladwijzers, ezelsoren en annoteren. Bij een digitaal boek wil je kunnen aangeven waarom je een bladwijzer hebt gemaakt. De mogelijkheid van annotatie wordt door Amazon opgelost met een toetsenbord, ook een virtueel toetsenbord is mogelijk. Je wilt ook dat de annotatie zichtbaar wordt wanneer je de tekst deelt met anderen. Een andere wens is meta-annotatie, dit maakt het mogelijk om na te gaan op welk tijdstip een annotatie geplaatsts is en hoeveel er van een boek is gelezen en hoe vaak. Ook een woordenboek moet aanwezig zijn en internet toegang. E-readers moeten ook audio ondersteunen, zodat de lezer de stof ook auditief tot zich kan nemen.

Gerlof eindigde de presentatie met de mogelijkheden voor vervolg onderzoek. Onderzoek moet worden gedaan onder zowel studenten als docenten. De docenten zijn de drijvende kracht omdat als zij tegen studenten zeggen dat ze een bepaalde e-reader moeten gebruiken dit ook echt gebeurd. Voor het onderzoek moeten de studenten langdurig testen in hun thuis omgeving.

Voor meer informatie:
http://www.e-boekenstad.nl/

http://e-boekenstad.wikispaces.com/

Klik hier voor het artikel uit de Havana over de workshop ‘E-readers in Dutch Education’:

http://e-boekenstad.nl/unbound/wp-content/uploads/2011/05/havana33_25mei2011.pdf

Joost Kircz: Belangrijkste inzichten van griffieproject E-boekenstad

Posted: May 23, 2011 at 1:32 pm  |  By: Suzanne Schram  |  Tags: , , ,

A short synopsis in English of Joost Kircz’s presentation ‘Most important results of user research Griffieproject E-boekenstad’.

Joost Kircz, project manager of E-boekenstad, explains in the second presentation of the workshop E-readers in Dutch Education about the research results of the griffieproject. The aim of this research was to find out what the consequences are of both tablets and e-readers. The iRex and the iPad were tested by counselors because they read a lot of texts every week. Another aim of this research is to investigate what is needed for a local government to work completely digital. Joost gave some of the results: 11% of the councilors prints out the text and saves it, 18% saves everything on paper and 37% saves everything digital. How do the councilors use the material? 60% mark in and around the texts, 30% marks pages and 52% create their own texts. Which functionalities of an e-reader are important according to the councilors? In order of importance: readability, search function, text editing, scrolling speed, battery life, memory, screen size, weight and private use. However the research showed that not only the functionalities of the e-reader are important, but also the communicative process for the transition from paper to digital. For accepting the digitization process, both trust and awareness are important. This research made the counselors aware that not only is a suitable device essential, but also document management and structure.

Joost Kircz @ the unbound book conference – photo cc by-sa Sebastiaan ter Burg

Joost Kircz, projectleider van E-boekenstad, vertelt in de tweede presentatie van de workshop E-readers in Dutch Education over de onderzoeksresultaten van het griffieproject. Het doel van dit onderzoek is om een beeld te krijgen van de consequenties van de verschillen tussen tablets en e-readers. Om dit te onderzoeken moeten testen worden gedaan met mensen die bewust en consciëntieus veel moeten lezen. Daarom is ervoor gekozen om de e-reader iRex en de iPad te testen onder gemeenteraadsleden omdat zij per week erg veel teksten lezen en verwerken. Een ander doel van dit onderzoek is om te onderzoeken wat er voor nodig is om een gemeente digitaal te laten werken. Dit onderzoek is uitgevoerd in samenwerking met Notubiz en Docwolves.

Aan het onderzoek deden gemeenteraadsleden, griffiers en burgemeesters mee. Joost gaf eerst enkele cijfers over het onderzoek. De enquête werd gehouden onder 241 raadsleden en werd ingevuld door 37%. Ook vond er tijdens het onderzoek individuele gebruikersgesprekken plaats. Per vergadering worden 106 pagina’s gelezen. 11% van de raadsleden print het uit en bewaard het, 18% bewaart alles op papier en 37% bewaart alles digitaal. Zij besteden gemiddeld 17 uur per week aan hun werk als raadslid. Hoe gaan de raadsleden om met het materiaal? 60% markeert in en om de tekst, 30% markeert de pagina en 52% maakt eigen teksten.

Welke functionele eisen van een e-reader vinden de raadsleden belangrijk? Op volgorde van belang: leesbaarheid, zoekfunctie, tekstbewerking, bladersnelheid, batterijduur, geheugen, schermgrootte, gewicht en privégebruik. Niet alleen de functionele eisen zijn belangrijk, ook het communicatieve proces rondom het vervangen van papier naar digitaal is belangrijk. Om de digitalisering te accepteren is bewustwording en vertrouwen belangrijk. Door het onderzoek werden de gemeenteraadsleden bewust dat niet alleen een geschikt apparaat nodig is maar ook de structuur van de documenten en documentbeheer zijn belangrijk.

Joost vertelt dat het onderzoek uitkwam op dezelfde problemen als die er in het onderwijs zijn. Hij vond het een leuk onderzoek om te doen en de raadsleden waren volgens hem ideale proefkonijnen: ze zijn precies, ze lezen veel en ze willen veel lezen. Joost eindigde zijn presentatie met de conclusie dat de gemeente het hele werkproces moet aanpassen om papier arm te werken, alleen e-readers inzetten zet volgens hem geen zoden aan de dijk. Om dit te illustreren haalde Joost een quote aan uit het onderzoek: “Wellicht is het een idee als je met de e-reader ook kunt printen.”

Het eindrapport van het onderzoeksproject Gemeentegriffies: http://www.e-boekenstad.nl/wp-content/2011/04/Def-eindrapportage-gebruikersproef-griffieproject-Kreutzer-070411.pdf

Voor meer informatie:
http://www.e-boekenstad.nl/

http://e-boekenstad.wikispaces.com/

Klik hier voor het artikel uit de Havana over de workshop ‘E-readers in Dutch Education’:

http://e-boekenstad.nl/unbound/wp-content/uploads/2011/05/havana33_25mei2011.pdf

Jacob Molenaar: Vervolgonderzoeken van Amsterdam E-boekenstad

Posted: May 22, 2011 at 10:51 pm  |  By: Suzanne Schram  |  Tags: , , , , ,

A short synopsis in English of Jacob Molenaar’s presentation ‘Future research of Amsterdam E-boekenstad’

Jacob Molenaar, consultant and project manager in the field of e-learning, ended the workshop E-readers in Dutch Education with a presentation on research which E-boekenstad is planning to do in the future. He started his presentation with the results of previous research. The most important result was that using an e-reader in education is only useful if it provides added value. It showed that research must be done to find out what the added value is of using e-readers instead of traditional study materials. The two planned researches, in cooperation with Sdu Uitgevers and Noordhoff Uitgevers, investigate the added value of proceeds in learning. The two different pieces of research investigate different theories as to how e-readers could increase the proceeds to learning. The first theory, which is applied in the experiment with Sdu, explains that an e-reader can stimulate a more structured study experience. The e-reader contains a level system which forces the student to read all the study material. The second theory, which is applied in the experiment with Noordhoff Uitgevers, believes the e-reader can stimulate a more free and associative study experience. The e-reader lets the student decide what he/she wants to read. Jacob ended his presentation by saying that they did not have a hypothesis of which method will lead to higher proceeds and better results in learning.

Jacob Molenaar @ The Unbound Book Conference photo cc by-sa Sebastiaan ter Burg

Jacob Molenaar, adviseur en projectleider op het gebied van kennismanagement, multichannel uitgeven en e-learning, eindigde de sessie E-readers in Dutch Education met een workshop over onderzoeken die E-boekenstad nog gaat doen.

Jacob begon de presentatie met de belangrijkste uitkomsten van voorgaand onderzoek. Hij vertelde dat er veel gebeurd is in de loop van het programma. In het begin werd er gebruik gemaakt van e-ink e-readers en nu word de iPad gebruikt. Wat heeft E-boekenstad geleerd van deze onderzoeken? Jacob laat weten dat eerder onderzoek met de iRex aantoonde dat studenten het gebruik van het apparaat verworpen. Zij ervaarde het gebruik van de iRex zeer negatief. Velen stopten al halverwege met het onderzoek, ze gingen terug naar het boek. De iRex had veel technische problemen. De uitkomst van het onderzoek was dat het geen zin heeft om studiemateriaal op het apparaat te zetten omdat het geen enkele meerwaarde oplevert. De resultaten gaven aan dat er opzoek moest worden gegaan naar de meerwaarde van het apparaat ten opzichte van het gebruik van traditioneel studiemateriaal.

Maar wat is de meerwaarde die studiemateriaal kan opleveren? De student wil misschien wel een prijsvoordeel en de docent vindt misschien beschikbaarheid van lesmateriaal belangrijk. Maar Jacob vertelde dat naar deze twee vormen van meerwaarde geen onderzoek zal worden gedaan. In de twee geplande onderzoeken, in samenwerking met Sdu Uitgevers en Noordhoff Uitgevers, wordt opzoek gegaan naar de meerwaarde in leeropbrengst. Onderzoek wordt gedaan naar het multimedialiseren van lesmateriaal door het toevoegen van filmpjes en websites. Hierin zit de impliciete aanname dat studeren leuker en efficiënter wordt door toevoeging van multimediaal materiaal.

Jacob legt uit dat er twee tegengestelde denkrichtingen zijn wat betreft de meerwaarde die e-readers kunnen opleveren voor leeropbrengst. Beide denkrichtingen zullen worden onderzocht in de twee geplande onderzoeken. De eerste denkrichting gaat er vanuit dat de e-reader kan leiden tot een meer gestructureerde studeerervaring. Dit wordt bereikt doormiddel van een levelsysteem die de student dwingt om al het lesmateriaal tot zich te nemen. De tweede denkrichting gaat er echter vanuit dat de e-ereader kan leiden tot een meer vrije/associatieve studeerervaring. De e-reader kan vrijheid aanbieden aan de student door de student zelf te laten kiezen welk studiemateriaal hij/zij wil gebruiken. Educatieve content bevat veel studeerhulp zoals materiaal dat voorkennis activeert, toetsen en samenvattingen. Maar het blijkt dat deze studeerhulp weinig wordt gebruikt door studenten.

Het experiment met Sdu is op de eerste methode gericht. Studeerhulp kan afgedwongen worden door een filmpje te laten zien voordat de student aan een hoofdstuk kan beginnen, zodat voorkennis geactiveerd wordt. Halverwege en aan het eind van het boek kunnen toetsen worden geplaatst. Het experiment met Noordhoff Uitgevers is gericht op de andere denkrichting. De e-reader kan het mogelijk maken om heel associatief door de tekst te navigeren. Het boek ziet eruit als een encyclopedie, met kleine lemma’s informatie die op een mindmap-achtige manier zijn weergegeven. Voor beide onderzoeken wordt gebruik gemaakt van twee onderzoeksgroepen van 100 studenten. Een van de groepen werkt met de papieren equivalent en de andere groep gebruikt de proefopstelling. Beide groepen maken na afloop een (kenniss)toets om te kijken of er een verschil is in leeropbrengst.  Daarna worden de uitkomsten van de twee onderzoek vergeleken. Jacob laat weten dat ze nog geen hypothese hebben over welke methode een hogere leeropbrengst zal opleveren.

Voor meer informatie:
http://www.e-boekenstad.nl/

http://e-boekenstad.wikispaces.com/

Klik hier voor het artikel uit de Havana over de workshop ‘E-readers in Dutch Education’:

http://e-boekenstad.nl/unbound/wp-content/uploads/2011/05/havana33_25mei2011.pdf